Artikel: de soetra van Kanzeon

De Soetra over de Bodhisattva Kanzeon (Kuan Shi Yin – Chenrezig))
Dit artikel is een vertaalde versie van een geredigeerde lezing die tijdens de zomertrainingsperiode in 2007 werd gegeven in Throssel Hole Buddhist Abbey.

De Soetra
De Soetra van de Bodhisattva Avalokiteshwara (dat is Kanzeon in het Japans, Guanshiyin in het Chinees en Chenrezig in het Tibetaans) wordt vaak gereciteerd, gezongen of in herinnering gebracht wanneer de situatie vraagt om diepe acceptatie en grote innerlijke stilte. Wanneer we naar een diep inzicht en helderheid van geest willen gaan, reciteren we in onze traditie meestal de Soetra van Grote Wijsheid (ook bekend als Hartsoetra). Kanzeon is zowel wijsheid als meededogen en leert ons beide. De Soetra van de Bodhisattva Avalokiteshwara is een soetra met grote diepgang. Het is het in poëzie samengevatte deel van het vijfentwintigste hoofdstuk van de Lotus Soetra. Dit geschrift behoort tot de Mahayana (het Grote Voertuig, ook wel Noordelijk Boeddhisme genoemd) teksten en was waarschijnlijk geschreven rond de eerste eeuw A.D. in het Sanskriet. Het werd in het Chinees vertaald in de derde of vierde eeuw door Kumarajiva en zijn co-vertalers.

De Bodhisattva
De Mahayana soetra’s personifiëren aspecten van de verlichte geest in Maha-bodhisattva’s om de activiteit ervan te illustreren. Deze nobele, onbevreesde spirituele wezens hebben de bodhisattvageloften vervuld en verwezenlijken die voortdurend in hun leven:

Hoe talrijk de levende wezens ook zijn,
ik beloof ze alle te bevrijden.
Hoe onuitputtelijk de hartstochten ook zijn,
ik beloof ze alle om te vormen.
Hoe grenzeloos de Dharma ook is,
ik beloof haar geheel te begrijpen.
Hoe oneindig diep de Boeddhawaarheid ook is,
ik beloof haar volledig te verwezenlijken.

Deze vier geloften reciteren we gezamenlijk in de ceremonie van het Hernieuwen van de Leefregels en voor onszelf wanneer we ons eraan willen herinneren.
Door duidelijk te beschrijven hoe bodhisattva’s zich gedragen en hoe ze spiritueel werkzaam zijn, moedigen deze soetras ons aan net zo te zijn en handelen als die bodhisattva’s. Verlichting is niet iets ongrijpbaars in de atmosfeer; het heeft alleen betekenis als we het vinden, leven en waar maken in onze werkelijkheid. De bodhisattva’s in de Mahayana soetra’s tonen een zekere devotie en overgave. Dit kan gemakkelijk verkeerd worden begrepen. Als onze devotie gericht is op een wezen apart van onszelf en anderen, dan wordt dit al gauw een ideaal wezen met allerlei goede eigenschappen. We gaan onszelf gemakkelijk met dat ideaal vergelijken en denken dat wij weinig of geen goeds in ons hebben. Omdat we nooit aan het ideaal kunnen voldoen, gaan we ons minderwaardig voelen. Maar dit is niet het soort toewijding dat de Bodhisattvas beoefenen. Ze wijden zich toe aan de Bodhisattvageloften zelf.

Wijs en barmhartig
In de Soetra van Avalokiteshwara legt de Boeddha aan Bodhisattva Mujini uit hoe de barmhartigheid van het universum werkt door de activiteit van Kanzeon te beschrijven (Mujini betekent: ‘onbegrensde gedachte of bedoeling’). In de Mahaprajnaparamita, de Grote Wijsheid Soetra’s, legt de Boeddha aan Saripoetra uit hoe Kanzeon het universum begrijpt. Dus in Kanzeon zien we diepe wijsheid, begrip, samen met barmhartige, onzelfzuchtige motivatie en respons.

De Bodhisattva’s wijsheid
Laten we eerst stilstaan bij de Bodhisattva’s wijsheid, begrip en gewaarzijn – bij hoe Kanzeon wezens en het bestaan ziet. Hoe wezens ontstaan en wat er omgaat in hun ‘hart-en-geest’: hoe ze gedreven worden door gebrek aan begrip over wat ze zijn en waar het in dit leven om gaat; of door de drang dingen te vergaren en iemand te willen zijn; of door haat en afkeer van anderen die ‘hun belang’ schaden; en hoe ze deze negatieve tendensen om leren vormen. Kanzeon is gewaar van alle kleine bestanddelen van lichaam en geest en van het gehele wezen. Ze begrijpt wat iemand nodig heeft, niet alleen in materiële of lichamelijke zin maar voor diens spirituele ontwikkeling tot Boeddha-zijn. Ze weet dat alle dingen die we waar kunnen nemen, alle uitwendige en inwendige verschijningsvormen – mensen, dieren, bomen, planten, dingen, gedachten, gevoelens, wensen, voorkeur en afkeer, de grootste en geringste kleuring van de geest – opkomen en weer verdwijnen. Ze weet dat deze dingen niet blijvend zijn maar veranderen, veranderen afhankelijk van andere veranderingen. Alles heeft verschijningsvorm, maar niets daarvan is blijvend en substantieel. En toch, hoe we handelen en omstandigheden helpen vormen is van het grootste belang. Dit lijkt tegenstrijdig. Wezens zijn niet substantieel, ze hebben geen vaste verschijningsvorm, geen vast zelf, niets van hun bestaan blijft: ze zijn leeg – en toch doet het er heel veel toe hoe we ze behandelen en met hen omgaan, zowel voor hen als voor onszelf. Want in die leegte huist de liefde, in zelf en ander gelijk.

Aan vorm vasthouden
Het perspectief dat dingen ziet als niet ‘werkelijk’ in diepste zin, maar als steeds veranderend en zonder vaste zijnsvorm, brengt met zich mee dat er niets is om aan vast te houden. Kanzeon houdt noch aan vorm, noch aan leegte vast. Wat gebeurt er als je vasthoudt aan vorm? Dan probeer je dingen waar je aan gehecht bent bij je te houden en als dat niet gemakkelijk gaat, probeer je dit te forceren. Zo overtreden we vaak de grens van de leefregels. Het voorgaand geldt ook voor omstandigheden, gevoelens en ideeën. Hoe meer we vasthouden aan een bepaalde denkwijze, des te sterker denkbeelden worden gevormd. En onze ideeën worden meestal bewaarheid, omdat we wat er in de wereld verschijnt blijven uitleggen op een manier waarop we dat altijd al deden. Als we steeds maar denken dat het met de wereld de verkeerde kant uit gaat, lopen we het risico depressief of suïcidaal te worden, of zó haatdragend, dat we de misdadigers wel om het leven willen brengen. Dit is dualisme in grove vorm.

Vorm ontkennen
We kunnen gevoelens, gedachten of drijfveren ook meer substantieel maken dan ze zijn door ze weg te drukken. Als we hebzucht of hechting op voelen komen bieden we weerstand omdat we dat ongepast vinden en onprettig. Hoe meer we hebzucht, verlangen of haat het daglicht ontnemen, des te meer die zich ophopen in het donker. Daardoor lijken ze van immens belang, terwijl wanneer wij ze niet vasthouden of wegduwen, ze alleen maar opkomen en weggaan. Gewoonlijk verschijnen ze tegelijk met een object. Als we dit waarnemen en het object loslaten, worden hebzucht en haat de wegen van verlichting.

Leegte
Het gevolg van vasthouden aan het idee van ‘leegte’ zou kunnen zijn dat je erg onverschillig wordt. Dan denk je misschien: “Als noch ik noch anderen als wezens echt bestaan, waarom zou ik dan rekening met ze houden? Waarom moeite doen ze te begrijpen en vriendelijk te zijn?” En vasthouden aan de leegte zelf is niet mogelijk. Aan wat zou je vasthouden?
Je hebt misschien gehoord of gelezen dat Kanzeon de gelofte heeft gedaan Nirvana niet binnen te gaan, totdat alle wezens van deze wereld van lijden bevrijd zijn. Deze bodhisattvagelofte wordt soms de alomvattende gelofte genoemd, en de Soetra spreekt over geloften “dieper dan de oceaan”. Kanzeon neemt diep aan het leven van wezens deel, zonder dat ze zelf lijdt. Want lijden is eigenlijk eenvoudigweg de manier om het universum te zien, waarbij het ik centraal staat. Kanzeon heeft geen ik-gezichtspunt. Ze heeft alle wezens lief als haar eigen kinderen. Dat kan ze omdat ze geen ‘ik’ of ‘ander’ koestert. Ze accepteert eenvoudigweg alles dat is. Het is je inmiddels wel opgevallen dat ik over Kanzeon spreek als een ‘zij’ of ‘hij’, net als de Soetra. Zoals we al zagen gaat het hier over een aspect van de verlichte geest. Een persoonlijk voornaamwoord is nodig wanneer zo’n aspect als iemand wordt voorgesteld.

Uiterlijke omstandigheden
De Soetra spreekt over een aantal lagen van bestaan, verscheidene ‘bestaanssferen’, tegelijkertijd. Allereerst over de uiterlijke omstandigheden waarin levende wezens zich kunnen bevinden. Je kan jezelf in precies zulke omstandigheden bevinden als die de Soetra beschrijft. Het gaat over wezens die op allerlei manieren in gevaar verkeren: hun leven is in gevaar, hun eer, hun veiligheid, hun bezit enzovoorts. Er is bijvoorbeeld gevaar omdat anderen hen, hun naasten of hun bezit bedreigen: “een vijand wil ze in een vuur duwen, of van een berg af gooien…” Of er is gevaar omdat wilde beesten hen bedreigen (schorpioenen, slangen, leeuwen): “Als slangen en schorpioenen met brandend gif in de aanval gaan…” Of er zijn dreigende omstandigheden: “Als onweer losbarst en het hagelstenen regent…” “Als door oneindige pijn gekweld of getroffen door noodlot…” “Onderdrukt door militair geweld…” De dreiging kan uit allerlei hoeken komen: dieven, aanranders, gangs, autobommen, overstroming, droogte, vulkaanuitbarsting, (burger)oorlog, ongelukken, enzovoorts.

De betekenis van toevlucht nemen
De oplossing die de Soetra ons biedt is: neem toevlucht in de kracht van Kanzeon en alles zal goed komen. Dit toevlucht nemen is een daad van diep vertrouwen en overgave. Met levensgevaarlijke omstandigheden hier en nu is er geen tijd om te wachten of te aarzelen. Dus moeten we nu iets ‘doen’. Wat kan je doen als je leven in gevaar is en er is geen uitweg? Alles loslaten. Laat je hele leven los – je relaties, levenswerk, motivaties – laat zelfs de hoop op een oplossing of op mogelijke redding los. Zie de situatie duidelijk zoals die is en accepteer die totaal. “Ik kan nu niet meer doen, ik ga nu dood, ik geef me nu over aan wat is.” Het kan zijn dat op een of andere manier ons eigen doen en laten of onze gevoelshouding tot de huidige benarde situatie hebben bijgedragen. Je dat te realiseren en te vergeven is deel van die acceptatie.
Dus: geen weerstand bieden en nergens aan vasthouden. Als we niet aan hoop of angst vasthouden, vinden we een vrijere, diepere, liefderijke geest om in te rusten. De kracht van loslaten, niet vasthouden, is enorm. Als je niet vasthoudt aan je leven, met alle gevoelens, gedachten, bijzonderheden en kleuren die het heeft – ‘zoals het is’ – kan je zien dat er een (gewaar)zijn is voorbij leven en dood. Dit is barmhartig en overal aanwezig. De situatie waarin je verkeert, kan zich dan ontwikkelen op ‘wonderbaarlijke wijzen’. Wanneer je jezelf realiseert dat ‘jij’ er niet bent en dat ‘jij’ ook niet afwezig bent en dat dit ook geldt voor anderen, dan ervaar je wat niet geboren wordt en niet sterft – het Ongeborene. Je was nooit ‘van jou’ van begin af aan!

Onverwacht Kanzeon
In de vrijheid en liefde van die plaats kan de loop van gebeurtenissen soms veranderen. Jijzelf zowel als degene(n) met slechte bedoelingen kunnen plotseling een andere weg inslaan, plotseling van gedachte veranderen. Je kan voorbij de gewoonlijke begrenzingen zien. Dus kan je, zelfs als je zou sterven, een geheel andere kijk op de zaak krijgen. Je zal de wereld niet langer zien als verdeeld in dader en slachtoffer, in zelf en ander. Je zal een wonderbaarlijke eenheid waarnemen, en je zal begrijpen dat een ‘dader’ (iemand met slechte bedoelingen) ook door omstandigheden wordt beïnvloed, ook door gevoelens en gedachten in verwarring raakt en ook een zuivere geest heeft. Je zal dan ook bij jezelf ontdekken dat je kan wensen dat de persoon vrede en liefde zal vinden en zijn of haar verwarring zal oplossen. Dit begrip en deze wens maken je vrij. Zo heb je toevlucht genomen in de kracht van Kanzeon: in de grote kracht van liefderijk begrip. En je weet nu zeker uit eigen ervaring wat werkelijk leven is, en dat het wonderbaarlijk is. Toevlucht nemen in Kanzeon’s kracht is geheel opgaan in Kanzeon’s wezen, terwijl je gedachten en gevoelens die scheiding veroorzaken, geheel laat gaan. Zo is die hele afschuwelijke situatie Kanzeon.

Innerlijke omstandigheden
Als je echt de werkelijkheid wilt zien zoals die is en er in je leven uitdrukking aan wilt geven, als je voor jezelf de gelofte hebt gedaan je hart te openen voor de Dharma van je leven, dan kan de Sutra nog op een andere manier tot je spreken. Nu zijn de bedreigende situaties niet uiterlijk van toepassing maar innerlijk. De ‘personage’ van Kanzeon is dan zowel toevlucht als voorbeeld. Als je dan in een situatie moeilijke gevoelens en gedachten naar boven ziet komen, is het belangrijk daarbij te blijven en er stil mee zijn. ‘Stil zijn’ betekent niet dat we die gevoelens vermijden of wegdrukken, maar dat we bereid zijn ze te ervaren zoals ze zijn, zonder er uitleg of commentaar op te geven en zonder hun bron aan te wijzen, gewaar en open voor hun gehele hoedanigheid.
In dit geval nemen we ook verantwoording voor ze en zijn we zo eerlijk mogelijk naar onszelf toe. Het vonnis van de rechtbank is misschien je eigen oordeel; de ketenen waarmee je gevangen zit, misschien je eigen boeien van hechting en gewoonlijk handelen. Schorpioenen, slangen, giftige wezens kunnen naar je eigen jaloezie, hebzucht of woede wijzen. De wezens met slechte bedoelingen zouden je eigen blinde, zelfzuchtige voorkeur en afkeer kunnen zijn. Alle situaties waar de Soetra over spreekt kunnen worden gezien als innerlijk aanwezig. En als je met deze gevoelens en gemoedstoestanden stil kan zijn, kan je ze zien in hun ware hoedanigheid; dan kan er vrede heersen. Een moment van leven, een vlaagje wind, een druppel regen. Vorm en leegte. Ogenblik en eeuwigheid. Een gelegenheid, een geschenk.

De veelvormigheid van compassie
Dus in elk moment, in iedere situatie in je leven, hoe angstaanjagend, hoe zorgwekkend, hoe irritant dan ook – je kan er Avalokiteshwara vinden. In het eerste, proza-gedeelte van dit hoofdstuk, legt de Boeddha uit hoe Kanzeon ons de Dharma leert en hoe bekwaam ze dat doet: voor de bevrijding van een wezen met de gedaante van een Bodhisattva, verschijnt Kanzeon als een Bodhisattva en toont hem zo de waarheid (het ware zijn). Voor de bevrijding van een wezen met de gedaante van een student Engels verschijnt Kanzeon als een student Engels en toont haar zo de waarheid. Aan een huisvrouw verschijnt ze als een huisvrouw, aan een buschauffeur verschijnt ze als een buschauffeur, aan een ballerina als een ballerina, aan een winkelbediende verschijnt ze als een winkelbediende – aan iedereen toont ze de Dharma in diens eigen gedaante, precies zoals die is. Bij de bestudering van dit hoofdstuk heb ik lang uitgezien naar iemand zoals mijzelf om me de Dharma te onderwijzen. Zo iemand leek maar niet te verschijnen, totdat ik besefte dat die iemand mijzelf was. Natuurlijk is het je eigen wezen die je het ware zijn toont. Wie anders?

Kanzeon – ons leven
Kanzeon is dus eigenlijk ons leven. Het is haar grote kracht volstrekt te zijn zoals wezens zijn, zonder dat ze zich met hen identificeert. Dus is ze jou maar denkt ze niet dat ze jou is. Als ze echt dacht dat ze jou was, kon ze niemand anders meer zijn, want dan zou ze iets beperkts en specifieks zijn waarin ze vast zat. En dat nu is het geval als ik denk dat ik ‘ik’ ben. Kanzeon denkt helemaal niet dat ze iemand is. Ze vereenzelvigt zich met geen enkele vorm of levens uitdrukking. Daarom kan ze waar dan ook zijn en iedere kreet uit welke windrichting dan ook horen èn onmiddellijk beantwoorden zonder dat er tijd verstrijkt. Haar hart-en-geest kent geen enkele begrenzing, alles is ontvangen in haar aanwezigheid en mag zijn wat het is.

Je wenden tot Kanzeon
Wij kunnen dat voorbeeld volgen en ook zo open zijn voor wat ons pad kruist. De “geloften van grote zuiverheid, dieper dan de oceaan” zijn de bodhisattvageloften. “Aan mensenheugenis voorbij heeft Kanzeon talloze Boeddha’s bijgestaan…” (de grote Zenmeester Dogen, die een van de grondleggers van onze traditie is, noemt Kanzeon de “vader en moeder van alle Boeddha’s”). “Als mensen de Barmhartige zien of de naam van Kanzeon horen – en de Bodhisattva niet ijdel in gedachte houden zal alle pijn overal ten einde komen.” Als je de vorm kan verbinden met de ‘inhoud’, kan vorm heel behulpzaam zijn. De vorm kan jou helpen je te bevrijden uit de sfeer van lijden waarin in jij je bevindt.
Als je een tijdlang deel hebt uitgemaakt van een sangha in de Zen- traditie en de voorstelling van Kanzeon iets voor je betekent, kan dat beeld je helpen op te gaan in de acceptatie en liefderijkheid waar het voor staat. Dit is geen magie. De figuur Kanzeon doet niet iets om je te bevrijden; maar wanneer jij geheel je aandacht er op richt, laat jij het tijdelijke los en keer jij je naar datgene wat ze wezenlijk is. Dat maakt je vrij. Ditzelfde geldt ook voor de naam “Kanzeon”. In angst, gespannenheid of zorgen Kanzeon om hulp vragen verlicht de last van je geestelijke nood. Dit is niet hetzelfde als je keren tot een aparte godheid die vanaf grote hoogte over je toestand regeert en het kwaad zal afwenden – die het allemaal voor je doet. De naam Kanzeon, gekoppeld aan je verlangen voor zuiver goed, neemt ons mee in wat wezenlijk en aanwezig is. Dan verschijnt vrede in het hart vanzelf.
De Bodhisattva niet ‘ijdel’ in gedachten houden geeft uitdrukking aan diep vertrouwen in de Boeddhanatuur. Door dit diep vertrouwen ga je de barmhartigheid – Kanzeon – binnen en de barmhartigheid gaat jou binnen. Gedachten loslaten die de geest verdelen en verdonkeren leidt ons de heldere aanwezigheid van het universum binnen. “De Waarheid gaat ons binnen en wij gaan de Waarheid binnen.” Als we Kanzeons voorbeeld in ons hart houden, kunnen we haar leven waar maken; dan kan niets ons werkelijk kwaad doen.

Een echt wezen of echt wezen
De Chinese versie van deze Soetra laat de ambivalentie duidelijk zien: gaat het hier om een echt (apart) wezen, of om echt wezen. In de vertaling is dit niet zo duidelijk. Neem nu bijvoorbeeld “Kanzeons grote kracht” – dat kan ook gelezen worden als ‘de kracht van het luisteren naar iedere roep’ of ‘de kracht van het zien van alles dat verschijnt’. “Kanzeon zuiver stralend als de zon, brengt met wijsheid licht in duisternis en kalmeert het tumult van vuur en wind” – betekent tegelijkertijd: ‘De zon van wijsheid brengt licht in duisternis en verjaagt alle kommer van het tumult van vuur en wind; dit alomvattend licht vult de gehele wereld.’ De Chinese taal gebruikt zelden een persoonlijk voornaamwoord (hij of zij) en werkwoorden bevatten een onderwerp zowel als een lijdend voorwerp. Zo worden ‘iedere roep horen’ en ‘hij of zij die iedere roep hoort’ op dezelfde wijze met Chinese tekens geschreven. Als we ons openstellen voor wat goed en waarachtig is om te doen als deel van dit gehele universum en dit onmiddellijk in daden omzetten, is er barmhartig aanwezig zijn; en ook een barmhartig wezen. Wanneer we ons hierin bekwamen, op basis van het vertrouwen in de meditatie, krijgen we een duidelijker gevoel voor wat er nodig is. Wij, individuele wezens, kunnen nooit Kanzeon zijn, maar we kunnen rechtstreeks de barmhartigheid ingaan en zo uitdrukking aan haar geven.
Waarom je er dan zorgen over maken of Kanzeon een echt wezen is of echt wezen? Besef gewoon dat ze niet gescheiden van je is maar innig dichtbij. Zo betekent ‘je toewijden’ dat je haar werkelijk bestaan bevestigt door te zijn zoals zij is, door jezelf te laten functioneren zoals zij functioneert. Zo wordt ze werkelijk, zo is ze werkelijkheid: ze is. Kanzeon verbeeldt op fantastische wijze onze verlichte natuur en hoe die werkt.
En wat is dan haar wonderbaarlijke kracht? Het is de kracht van haar wonderbaarlijk weten samen met liefderijke motivatie. Dit ‘weten’ is geen ‘alles weten’, maar alles kennen omdat je overal van doordrongen bent. “Er is geen plaats ter wereld waar Kanzeon niet verschijnt.” Alles, overal en altijd is Boeddhanatuur, compassie. Overal is redding mogelijk. “Alle lijden van geboorte, ouderdom, ziekte en dood, gaan voor altijd heen” – alle lijden verdwijnt, zowel met het voortschrijden van de tijd als onmiddellijk. “De grote barmhartige (Kanzeon) ziet de wereld zoals die waarlijk is…” betekent tegelijkertijd: “De wereld zien zoals die waarlijk is, is grote barmhartigheid”. “Hij/zij moet altijd worden aanbeden” betekent ook: “We verlangen altijd diep naar hem/haar”. Beide invalshoeken zijn waar.
De wijsheid van Kanzeon, zuiver en stralend als de zon, brengt licht in duisternis en kalmeert het tumult van vuur en wind. Dit alomvattend licht vult de gehele wereld. Wanneer we in meditatie gegrond zijn, is onze geest helder; zelfs als golven van passie door ons heen spoelen, zijn die belicht. We zijn gewaar van en aanwezig bij het gehele universum. “Kanzeon belichaamt liefde, zoals een onweer hemel en aarde beroert.” Het heeft diep effect als we ons met de leefregels vereenzelvigen en het ‘ik’ dat aan dingen kleeft of zich er tegen verzet loslaten. “Kanzeon brengt barmhartigheid als een wolk die verkwikkende Dharmaregen doet neerdalen en zo het vuur van hartstocht uitblust.” Onderschat de kracht van zelfloze liefderijke motivatie niet. “Kanzeon is een uiterst fijne stem, een stem die overal in doorklinkt. Het is de stem van Brahma, de stem van de oceaan, de stem die in alle andere stemmen gehoord kan worden.” Het is de roep van de allesomvattende liefde van de werkelijkheid. Ze roept jou en jij roept haar. Als je luistert vind je harmonie, als je er gehoor aan geeft druk je dat uit wat werkelijk goed en waar is. Opgaand in de werking van Kanzeon, geef je vorm aan Kanzeon.